facebook  linkedin  twitter

 
"Bijzonder dat je zo snel zo'n vertrouwde sfeer weet te creëren"
(workshop Stilstaan bij je kinderwens)

  • Start
  • Blog
  • Moeder in je eentje: het verhaal van Maartje

Moeder in je eentje: het verhaal van Maartje

maartjethijsvoetenMaartje (41), moeder van Thijs (5): 

“Ik was begin dertig toen ik voorzichtig begon na te denken over het idee om alleen een kind te krijgen. Maar was ik niet te jong? Was dit niet een keuze die je pas maakt als je tegen de veertig loopt? En belangrijker nog: zou het praktisch en financieel wel kunnen? Ik wilde eerst weten of het überhaupt haalbaar was, voor ik me er emotioneel in zou laten zakken.

Opinie peilen

In die periode heb ik me suf gegoogeld. Als je leest dat kinderopvang € 1000 per maand kost, denk je: laat maar, dat gaat dus niet. Maar dan blijkt dat er zo’n 90 procent van die kosten weer terug komt via de kinderopvangtoeslag. En er is ook nog het kindgebonden budget, en de kinderbijslag... Het was echt een eye-opener, al die financiële kindregelingen. Conclusie: het kon dus wél!

Nu kwamen de vervolgvragen: kon ik het wel maken, ten opzichte van een kind? En wat zouden mensen ervan vinden? Ik schreef een stukje op een online forum over mijn kinderwens, en de voorzichtige gedachte om dat alleen te gaan doen. Eigenlijk vooral om een beetje de publieke opinie te polsen. En op zoek naar vrouwen die ervaring hadden met de keuze waar ik voor stond.

Via dat forum kwam ik met andere vrouwen in contact. Met een aantal van hen ging ik naar de workshop van Alleen met kinderwens, daar troffen we elkaar voor het eerst live. Ik bewaar mooie herinneringen aan die workshop, het was zo fijn om met anderen te kunnen sparren over de vragen die ons bezig hielden. En te ervaren dat ik eigenlijk al behoorlijk goed wist wat ik wilde en dat ik het wilde.

Met een paar vrouwen van dat allereerste forum vorm ik nog steeds een clubje, en ook naast dit clubje heb ik er nog tal van online contacten aan overgehouden. Toen ik eenmaal verder was in het proces, werden anderen ook weer door mijn ervaringen getriggerd, en zagen ze: het kan! Dat is zo leuk.

Donor

Toen ik het besluit echt genomen had, duurde het nog een poos voor ik zwanger was. Via een online advertentie had ik een donor gevonden. Met hem heb ik 1,5 jaar geprobeerd zwanger te worden, maar dat lukte helaas niet. Een arts bij het UMC die ik toen consulteerde gaf me twee keuzes: overstappen op een B-donor of met mijn donor een IVF-traject in. Dat vond ik allebei niet oké: nu ik gewend was aan een donor die ik kende, kon ik voor mijn gevoel niet meer ‘terug’ naar een B-donor. En IVF klonk mij in de oren als het eindstadium, daar was ik nog helemaal niet aan toe.

Ik ging eerst maar eens op vakantie voor ik zou besluiten hoe het verder moest. In die periode kreeg ik weer contact met iemand die ik van vroeger kende. Ik vertelde hem waar ik mee bezig was, en hij opperde: waarom vraag je niet één van je vrienden? En niet veel later bood hij aan dat hij mij wel wilde helpen. Mijn eerste reactie was: ‘nee! Want is dat wel verstandig, en hoe wordt het dan? …’ Maar ik bedacht me ook: ik wil geen B-donor, ik wil geen IVF en nu komt er zomaar een optie 3 op mijn pad – moet ik die dan wel afwijzen?

Uiteindelijk heb ik ja tegen hem gezegd. En bij de eerste poging was ik zwanger – blijkbaar heeft dit zo moeten zijn.

Een roze wolk?

Thijs kwam met wijd open ogen ter wereld. Een kinderarts, een ervaren oudere vrouw, noemde hem toen hij 2 weken oud was al ‘een pittig ventje’, en dat is hij ook. Hij en ik hebben een lastige start gehad: Thijs bleek verborgen reflux te hebben, en huilde heel erg veel. Hij huilde van voeding tot voeding. Ik organiseerde het kraambezoek ook rond voedingen, want dan ging het wel even, en kon ik tenminste praten zonder dat hij erdoorheen krijste.

Een verpleegkundige die vanuit het consultatiebureau in de 8e week langs kwam, vroeg me: ‘houd je dit eigenlijk wel vol?’. In het ziekenhuis boden ze aan hem op te nemen, zodat ik wat bij kon tanken. Natuurlijk wilde ik dat niet, maar het idee dat het kon, vond ik wel fijn. Ik merkte dat er voorzichtig met mij werd omgegaan, want in je eentje met een kind dat alleen maar huilt, dat is een risico. Mensen kunnen zich voorstellen dat je daar knettergek van wordt. Ik heb me niet betutteld gevoeld, maar die zorg juist als fijn ervaren.

Een roze wolk heb ik niet gezien. Toen mijn verlof voorbij was dacht ik: dit was het dus, en dit was niet zoals ik het me had voorgesteld. Gelukkig sliep Thijs toen al wel 5-6 uur per nacht, voor mijn gevoel begon dat een beetje ergens op te lijken. En ook daarna is hij nooit een nachtbraker geweest. Gelukkig maar! Maar overdag sliep hij niet veel, en had ik dus ook nooit even een paar uur voor mezelf. Het was door en door en door. Hij vond de wereld gewoon veel te interessant.

Kijken met kinderogen

Thijs is een pittig kind gebleven. Maar ik heb nooit gedacht: had ik maar een partner om de zorg voor Thijs mee te delen. Hier heb ik voor gekozen, en dit is het. Ik weet ook niet beter. Wat ik wel eens jammer vind is dat ik ’s avonds niet zomaar even weg kan, een rondje lopen, even naar Ikea, dat soort dingen.

Ik vind het ook leuk dat hij pit heeft. Wat ik lastiger vind is dat hij zo vaak boos is om dingen. Gefrustreerd omdat iets niet lukt. Hij wil het perfect, en dat levert hem stress op. En ik mag hem dan ook niet helpen. Soms weet ik echt niet hoe ik met zijn woede om moet gaan. Daar heb ik nu ook hulp bij gezocht.

In zijn jonge leventje zijn er ook al twee naasten overleden. Voor hem zijn oom en zijn oma, voor mij mijn broer en mijn moeder. Vooral het verlies van oma raakt aan zijn dagelijks leven, hij ervaart het verschil in hoe het was en hoe het nu is. Daar is hij boos en verdrietig over. Dat vind ik heel moeilijk voor hem, maar dit soort zaken kan ik niet anders voor hem maken.

Gelukkig is het moederschap ook heel leuk en gezellig. Het allerleukste vind ik om de dingen die we samen doen door zijn ogen te bekijken. Als we reizen ziet hij hele andere dingen dan ik, en daardoor kijk ik ook weer op een heel ander niveau. Ik geniet van zijn enthousiasme en zijn ontzag voor de omgeving en de natuur. Simpele dingen als schelpen zoeken en beestjes bekijken, of het fantastisch vinden dat er bij het ontbijt cakejes zijn. Een dag met een emmertje langs het strand slenteren in plaats van een bezienswaardigheid bezichtigen – en eigenlijk vindt hij die bezienswaardigheden óók geweldig. Dan denk ik: ja! Zo simpel is het eigenlijk allemaal.

Donor - vader - donorvader

Ik ben blij met mijn donor: ik ken hem goed, maar we komen niet bij elkaar over de vloer. Voor Thijs heb ik een boek met foto’s waar hij in kan kijken; Thijs lijkt op hem en hij weet dat hij zijn bruine ogen van hem heeft. En als Thijs hem zou willen zien of als hij vragen heeft, dan kunnen we contact met hem opnemen.

Op school is het soms lastig, met een kind dat geen vader heeft maar een donor. Hoewel ik donor ook geen goed woord vind, dat klinkt veel te abstract. Misschien is donorvader wel een goede benaming, daar zit ook niet een verwachting aan. De donorvader van Thijs heeft een gezicht en we noemen hem bij zijn voornaam. Maar hij is niet een vader die straks op zaterdag langs de lijn staat bij het voetballen.

Vorig jaar was er een stamboomproject op school. Waar laat je dan een donorvader? Ik had wel een fotootje van zijn donorvader uitgeprint, en tegen Thijs gezegd: plak hem er maar bij, dan kun je hem laten zien. Maar dat wilde hij niet. Misschien is het voor hem ook te abstract, of is hij bang dat anderen dan vragen gaan stellen. Of is hij er gewoon niet zo mee bezig.

Ik ben ook gestopt om mensen steeds maar te verbeteren als ze dingen zeggen in de trant van ‘dat heeft hij vast van zijn vader’. Het wordt irritant om steeds te moeten zeggen: ‘die heeft hij niet’. Thijs doet dat zelf ook niet. Laatst werd er bij de zwemles tegen hem gezegd: ‘dan kun je dat aan papa laten zien’. Dan zegt hij niet: ‘die heb ik niet’. Ik vertrouw erop  dat het zijn weg wel zal vinden.

Goede keuze

Toen ik koos voor solomoederschap, dacht ik vooral: ik doe het nu, want als ik straks de veertig gepasseerd ben, en die man is er nog steeds niet, heb ik spijt. Nu bén ik die veertig gepasseerd en nog steeds single. Ik kan nu alleen maar denken: zie je wel, als ik gewacht had op die man, was ik nu mooi te laat geweest. Ik voel me echt bevestigd in dat ik de goede keuze heb gemaakt. Misschien was dat anders geweest als ik een jaar na de geboorte van Thijs die man wel tegen was gekomen. Maar nu is het gewoon goed zoals het is.”

september 2018
© Barbara Lammerts van Bueren

 

Fotografie

“Als het er allemaal niet toe zou doen, wat zou je dan willen? Dan zou ik fotograaf willen zijn.

Ik weet nog dat ik deze vraag las en schrok van mijn antwoord dat er direct op volgde. Fotografie was al eens eerder langsgekomen in een loopbaantraject, maar toen had ik die optie direct terzijde geschoven: ik kon toch niet zomaar m’n baan opzeggen?

Maar nu in mijn omgeving iedereen maar dood ging, en het leven misschien echt maar heel kort is, bedacht ik dat ik moest gaan doen wat ik echt leuk vind. Fotografie. Begin dit jaar ben ik daarom voor mezelf begonnen als fotograaf, specifiek voor bedrijven. De werkvloer op! Ik ben ontzettend blij met mijn keuze en ik denk dat ik door de werk/privé-balans ook een leukere moeder kan zijn!”

Meer weten?

Maartje Kuperus Fotografie
Benieuwd naar mijn werkvloer-actie? Kijk op Najaarsactie

 

Tags: ervaringsverhaal, solomoeder