facebook  linkedin  twitter

"Wat een herkenning in de uitwisseling met andere vrouwen! Dat heeft me gesteund en kracht gegeven"
(workshop Stilstaan bij je kinderwens)

  • Start
  • Blog
  • Wat je NOOIT tegen je kind mag zeggen

Wat je NOOIT tegen je kind mag zeggen

Programmamaakster Mirella van Markus gaat op zoek naar de meest ideale constructie om samen met haar vrouw Claudia een kind te krijgen.

Een prachtige documentaire, die ook voor single vrouwen heel veel herkenning biedt.

Maar hoe zit het met de rol en positie van de donor: is hij ook een vader? Of niet? Pedagoog Louis Tavecchio doet een aantal stevige uitspraken.

 

Ruim vijftien jaar geleden bood een vriend aan om donor voor mij te zijn. Hij wist van mijn grote kinderwens, had vertrouwen in me en bovenal gunde hij me het moederschap. Hij zou bekend zijn als donor in onze familie- en vriendenkring, en stond open voor contact met het kind, afhankelijk van zijn of haar behoefte.

Toen mijn dochter een jaar of drie was, werd de vraag over haar papa voor het eerst heel expliciet gesteld. Het was een groepsgenootje op de kinderopvang die haar vroeg: ‘heb jij geen papa?’, nadat ze mij zag binnenkomen. Mijn dochter keek haar vreemd aan, met een blik van ‘hoezo? Is dat een vraag?’. En het groepsgenootje kwam naar mij toe, en herhaalde haar vraag: ‘hebben jullie geen papa?’

‘Nee, wij hebben geen papa’ bevestigde ik haar. Waarop ze even vrolijk haar spel weer oppakte.


Deze week zag ik de prachtige documentaire ‘Wij willen ook een kind’ van Mirella van Markus, waarin ik emeritus bijzonder hoogleraar pedagogische aspecten en kwaliteit van kinderopvang Louis Tavecchio hoorde zeggen dat ik toen gelogen had…

Van Markus onderzoekt haar twijfels rondom de keuze om samen met haar partner/vriendin en een bekende donor een gezin te gaan stichten. Veel van haar vragen gaan over de rol en positie van die donor: is hij ook een vader? Of niet?

 Ze gaat onder meer te rade bij Tavecchio. En daar hoorde ik het hem zeggen:
‘zeg nooit tegen je kind: ‘jij hebt geen papa’, waarschuwt hij. Dat is een uitspraak die vloekt met de waarheid, want ieder kind heeft een papa.

Bovendien zou deze uitspraak angstgevoelens op kunnen roepen bij je kind: ‘wat is er mis met mij dat ik geen papa heb, en al die andere kinderen wel?’.

 

Papa en vader

Maar wat is een ‘papa’?

‘Papa’ is het woord waarmee kinderen hun vader aanspreken. De man die voor ze zorgt en hen opvoedt.

En wat is dan een ‘vader’?

Een vader is de ‘man in betrekking tot het kind dat hij verwekt heeft, verwekker’ (bron: Van Dale).

Dat is interessant! De verwekker is de vader van het kind. En laat een verwekker nou echt iets anders zijn dan een donor. Dat is zelfs in de wet vastgelegd.

 

Verwekker en donor

Een verwekker is een man die op natuurlijke wijze (via geslachtsgemeenschap) een kind verwekt bij een vrouw. Een verwekker heeft ook rechten en plichten jegens het kind.

Een donor is een man die zijn sperma doneert, met als doel dat een vrouw zich daarmee laat bevruchten. Een donor heeft geen rechten en plichten jegens het kind.

 

Een donor die wel een rol speelt, variërend van een incidentele ontmoeting tot volledig co-ouderschap, kan natuurlijk wel een vader en een papa zijn. Of je hem ook zo noemt, is een keuze die aan jou, aan de man in kwestie en – op termijn ook – aan je kind is.

Een donor die geen enkele rol speelt in het leven van het kind (zoals een B-donor, via de spermabank) is in mijn ogen dan ook echt geen vader. En al helemaal geen ‘papa’, een woord waar in mijn beleving ook intimiteit doorklinkt.

 

Vloeken met de waarheid

Tavecchio denkt hier anders over. Over de donor zonder rol in het leven van het kind zegt hij, na enige aarzeling:

‘Het is beter, of minder slecht, als je kijkt naar de beleving van het kind, als je kijkt naar wat hij of zij ermee doet, om te zeggen dat papa er niet is, of dat hij in het buitenland zit of ergens anders woont, dan te zeggen ‘je hebt geen papa’.’

Wie vloekt hier nu met de waarheid??!

Ik vind het ronduit schokkend om een pedagoog te horen adviseren dat je zou moeten liegen tegen je kind. Een onwaarheid vertellen. Hoe ga je dat straks uitleggen? Welke schade zal het vertrouwen van je kind in jou oplopen?

 

Over liefde, respect en gunnen

Gebruik maken van een donor (een bekende of via de spermabank) om je kinderwens te vervullen, in welke gezinssamenstelling ook, kan prima. Op twee voorwaarden:

  1. wees open over de ontstaansgeschiedenis van je kind en
  2. zorg dat hij (in de toekomst) in contact kan komen met de donor

Zwanger raken of kind zijn van een donor is niet iets om je voor te schamen. Integendeel: het gaat over verlangen, over liefde, over gunnen. Een donor verdient alle respect, en is iemand om met dankbaarheid en warme gevoelens over te spreken. Ook, of misschien wel juist, als je hem niet kent.

Maar een donor die geen enkele rol speelt in het leven van het kind, is geen vader.

En al helemaal geen papa.

Dat is een donor.

 

Mijn dochter is inmiddels 14 jaar. Zij heeft altijd geweten hoe zij bij mij gekomen is. In de loop der jaren is er meer contact gekomen tussen haar en haar donorvader, en is zij hem ‘papa’ gaan noemen. En dat is helemaal goed.

Een liefdevolle en stabiele gezinssituatie, en openheid en ontspanning rondom je afkomst, volgens mij is dat het grootste cadeau dat je je kind kunt doen.

Geen geheimen, geen valse verwachtingen en al helemaal geen leugens!

 

©Barbara Lammerts van Bueren